Schrijver Erwin Mortier trekt na 30 jaar terug naar zijn vroegere werkplek en duikt opnieuw in de depots van het Museum Dr. Guislain: “Al meer dan 150 jaar biedt het Gentse ‘Hospice Guislain’ geestelijke verzorging, onderdak en toevlucht. Al bijna 40 jaar herbergt het ook een museum, dat een uitgebreide collectie historische getuigenissen bewaart en nieuwe verhalen blijft blootleggen. Eigen huis toont met trots een diverse selectie bewaarde voorwerpen, waaronder foto’s, boeken, kunstwerken, archiefstukken en nog veel meer. De tentoonstelling volgt een eigenzinnige aanpak en wijkt ietwat af van de traditionele paden, zoals wij allemaal misschien wel eens doen. Van een dromerig magazijn waar meubels, keukengerei en sculpturen sluimeren tot zeeën van brieven en dagboeken – het krijgt allemaal een onderkomen in Eigen huis.”
“Ik wilde een tentoonstelling brengen die in de eerste plaats plezier schept in het tentoonstellen zelf, een plezier dat van een grote ernst getuigt.”
Expo Vol in Eigen huis
te bezoeken vanaf 18.09.2026
Het was vroeger een volle kamer, net zoals nu – een kamer die vervuld blijft.
Erwin Mortier stelt zijn tentoonstelling Eigen Huis in Museum Dr. Guislain opnieuw open voor negen kunstenaars en hun werken en nodigt hen uit om in de ruimte tussen te komen. Door vele onverwachte ontmoetingen ontstaat binnen de bestaande ruimte een nieuwe ruimte die zich verder ontwikkelt en verandert in het Unheimliche binnen het Heimliche.
De objecten in dit drukke huis worden, in hun dialoog met de nieuwe bewoners, verplaatst, geherinterpreteerd en toegeëigend. De hoop is dat, door deze ontastbare dialoog, ook de beweging – of het onbewuste – van dit huis kan worden geraakt. Het huis is doorheen zijn geschiedenis immers zowel een plek van psychiatrie als van kunst. Dit sluit aan bij een waarschuwing van Lacan (1969): we mogen het onbewuste nooit behandelen “zoals de amber die de vlieg vasthoudt, om niets te weten van zijn vlucht” (“tels que l’ambre gardant la mouche, pour ne rien savoir de son vol.”).
De tentoonstelling komt voort uit de conferentie Lacan Today 2026. Beide delen een gemeenschappelijke betrokkenheid bij de psychoanalyse, maar blijven afzonderlijk en onafhankelijk van elkaar.
Met werken van:
Franck Ancel, een in Parijs gevestigde psychoanalyticus en kunsthistoricus, verkent samen met kunstenaars en onderzoekers de raakvlakken tussen topologie, scenografie en zerografie: een concept dat voortbouwt op de nalatenschap van Jacques Polieri en de ruimtelijke theorieën van Lacan. Tot zijn recente werk behoren de groepstentoonstelling La topologie mise en Cage (geïnspireerd door Lacans Seminarie XX) en dit drieluik voor het Museum Dr. Guislain, gemaakt in samenwerking met keramiste Monica Righi, psychoanalyticus Patrick Valas en uitgever Richard Meier, waarin beeldhouwkunst en cartografie samenkomen.
Stephen Benedicto
Stephen Benedicto is een multidisciplinair kunstenaar uit Washington DC, die werkt met beeldhouwkunst, fotografie en schilderkunst. Door fragmenten van het lichaam af te gieten, creëert Benedicto surrealistische composities die de buitenwereld verbeelden en de grens tussen de binnen- en buitenkant van het lichaam onderzoeken. Op deze grens stelt het werk de vraag: ‘Is er eigenlijk wel een verschil?’ en onderzoekt het de apolitieke implicaties van die vraag.
Louise Bourgeois (1911–2010) was een Frans-Amerikaanse kunstenares die in haar werk thema’s als herinnering, familie, het lichaam, seksualiteit en emotionele ervaringen verkende. Ze deed dit door middel van beeldhouwkunst, tekeningen, grafiek en installaties. In 1951 begon ze met psychoanalyse, die ze vele jaren intensief voortzette. In die periode werd schrijven een belangrijk onderdeel van haar kunstenaarspraktijk. Voor Bourgeois bood kunst een manier om moeilijke herinneringen en emoties onder ogen te zien en te transformeren. In haar eigen woorden was kunst een ‘garantie voor geestelijke gezondheid’.
Antonia Brown is een kunstenares die werkt vanuit Brussel en Kaapstad. Haar praktijk omvat beeldhouwkunst, installaties en performance, waarbij ze vaak de manier waarop de geschiedenis van vrouwelijke lichamen en ruimtes wordt benaderd, verdraait door middel van herhaling en vervorming. Haar werk GG iii is geplooid uit een mal van restanten uit de modewereld – een Givenchy-monogram dat tevens de initialen van haar moeder vormt. Plooien ontstaan door vouwen. Hoewel een groot deel van het oppervlak daardoor onzichtbaar wordt, blijft het er tegelijk een doorlopend en structureel onderdeel van.
Daniel Coombs
Daniel Coombs, een erkend en toegewijd figuratief schilder, verdiept zich al geruime tijd in de nuances van de psyche. Zijn schilderijen van afzonderlijke figuren behandelen het alleen-zijn als een kans om troost, bezinning en plezier te ervaren.
Evangelia Danadaki is een kunstenaar-onderzoeker die werkt rond feministische filosofie, performance en bewegend beeld. Ze is promovendus aan de Universiteit van Leeds. A love letter werd aanvankelijk opgevoerd als een langdurige performance waarin Jacques Lacans Seminarie XX werd voorgelezen. Geconfronteerd met de tekst, verzette ze zich ertegen deze hardop uit te spreken. In plaats daarvan werd het filmen een experiment waarin Lacans diagram van de seksuatie versmolt met haar lichaamsbewegingen. Deze tegenlezing maakt deel uit van hoofdstuk VII, A Love Letter.
Bracha L. Ettinger is kunstenares, psychoanalytica, filosofe en theoreticus. In haar werk brengt ze schilderkunst, psychoanalyse, esthetica en ethiek samen. Ze verdeelt haar tijd tussen Parijs en Tel Aviv en ontwikkelde het invloedrijke concept van de ‘matrixiale’ blik. Daarnaast onderzoekt ze thema’s als trauma, herinnering, vrouwelijkheid en het onbewuste. De werken in deze expo zijn reflecties uit haar solotentoonstelling Bracha. The Room Is Shared!, waarin ze via persoonlijke ontmoetingen de grenzen van kunst en psychoanalyse onderzoekt.
Carmen Schmöl werkt als kunstenares met taal, dans en de Lacaniaanse psychoanalytische praktijk.
Amber Wynants werkt met verschillende media. Daarbij put ze uit de beeldtaal van de modernistische kunst en vormgeving en combineert die met materialen die verbonden zijn met het huiselijke, ornamenten en het dagelijks leven. Door afval, versieringen en afgedankte voorwerpen samen te brengen, stelt Wynants overgeleverde waardepatronen in vraag, hoe die zich in voorwerpen vastzetten en hoe wij er een emotionele band mee ontwikkelen. Haar werk onderzoekt hoe betekenis en waarde tot stand komen en worden ervaren, en stelt daarbij vragen over subjectivering en perceptie.